![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Hannes Obreno heeft er een fantastisch kampioenschap op zitten. 2 jaar geleden roeide de 21 jarige Bruggeling nog bij de lichtgewichten, vandaag komt hij met slechts 81 kg uit in de open klasse.
De Bruggeling wist zich zonder al te veel moeite een weg te banen tot in de A-finale van de 1XMB.
Topfavoriet Aleksandrov (AZE) en titelverdediger Tzybinski (GER) namen de beste start. Zij kregen ook de beste banen toegedeeld. En dat voordeel was duidelijk te merken na 500 meter. Hannes Obreno moest meteen een gat laten van 11 seconden. Aleksandrov ging kei hard door, wist zelfs van de Duitser weg te roeien en pakte oververdiend het goud. Tzybinski werd 2de, voor de Griek Angelopoulos. Obreno had de laatste 500 meter, waar het baannadeel stopt, nog een sterke sprint in huis, hij verkleinde zijn achterstand op de Griek van 11 naar 7 seconden en roeide zelfs de Argentijn, tot dan in 4de stelling voorbij. Obreno finishte dus knap 4de, een prestatie die in het Belgische roeien meer dan welkom is. “Los van het baanvoordeel is dit een faire uitslag denk ik” begint Frans Claes.” De Griek leek me toch nog net iets sterker dan Hannes. Maar Hannes heeft nog 2 jaar tijd in deze categorie en heeft afgelopen winter amper aan powertraining gedaan. Als hij gespaard blijft van ziekte en blessures kan zijn spiermassa, en dus zijn gewicht, toenemen.” Besluit coach Claes.
Jean-Benoit Valschaerts en Maxime André presteerden in de 2XMB boven hun eigen verwachtingen. Het duo, dat slechts 3 weken voorbereiding had, werd knap 2de in de B-finale. Halfweg lagen ze aan de leiding, op de hielen gezeten door de Tsjechen Paroulek-Rimak en de Britten Beaumont-Walton. De Tsjechen kraakten volledig terwijl de Britten een ultieme aanval inzette op de Belgen. De Denen deden er alles aan om de Belgen bij te benen, maar daar slaagden ze niet in, in tegendeel. De Britten gingen hen voorbij, en ook de Belgen moesten in het slotstuk de Britten laten voorgaan. Groot-Brittannië won in 6:56.73, voor de Belgen (6:58.39) die een knappe 8e plaats wegkapen op hun eerste WU23. Denemarken werd 3de.
Tim Brys en Gilles Poysat deelden hun B-finale behoorlijk goed in. De verschillen tussen de ploegen werd nooit echt groot. Halfweg was het verschil met de Britten, die toen aan de leiding lagen slechts 3 seconden. Met nog 500 meter voor de boeg lagen 5 ploegen binnen de 3,4 seconden. De eindsprint zou beslissend zijn, maar net daar moesten de Belgen de rol een beetje lossen. De Hongaren hadden nog de beste papieren en roeiden van plaats 4 naar plaats 1, tewijl de Belgen van plaats 3 naar plaats 5 gingen. Hongarije won in 6:53.38, voor Groot-Brittannië (6:54.23) en Canada (6:56.85). Poysat-Brys finishten 5de in 6:58.11 en worden zo 11de in de totaalstand. 1 plaats lager dan in 2011. De weersomstandigheden en tijden spreken voor zich, en zo krijgen we enigsinds een herhaling van de finaledag in Amsterdam vorig jaar. Daar kregen de beste tijden de betere banen toegedeeld.
De Belgen waren gemiddeld gezien het jongste team in de B-finale.